• 25
    mei

    Dekkingsgraad april 2021

Per eind april 2021 bedraagt de beleidsdekkingsgraad op basis van voorlopige berekeningen 98,1%. Dit is hoger dan de beleidsdekkingsgraad van eind maart 2021.

De dekkingsgraad is de financiële graadmeter van een pensioenfonds. Bij een dekkingsgraad van 100% is voor elke euro die aan pensioen betaald moet worden ook precies één euro beschikbaar. Een belangrijk getal dus. Hoe hoger de dekkingsgraad, hoe beter het pensioenfonds ervoor staat. Nu zijn er verschillende manieren om de dekkingsgraad te berekenen.
De DNB dekkingsgraad, is de dekkingsgraad waarbij een door de toezichthouder voorgeschreven rentestructuur moet worden toegepast. De beleidsdekkingsgraad is het gemiddelde van de DNB dekkingsgraad over de afgelopen 12 maanden. Tenslotte kan bij de berekening van de dekkingsgraad ook uitgegaan worden van de actuele rentestand. Dit noemen we de marktwaardedekkingsgraad.

De beleidsdekkingsgraad
De beleidsdekkingsgraad is het 12-maands gemiddelde van de DNB dekkingsgraad. Onze beleidsdekkingsgraad ligt eind april 2021, op basis van voorlopige berekeningen, op 98,1% en is daarmee hoger dan die van maart 2021. Daarmee blijft de beleidsdekkingsgraad onder het niveau van de minimaal vereiste dekkingsgraad van 104,2% en is onder de 100% gebleven, waardoor er nog geen waardeoverdrachten kunnen plaatsvinden. In een apart nieuwsbericht is hier eerder over gecommuniceerd.

DNB dekkingsgraad
De DNB dekkingsgraad bedraagt per eind april 2021 104,7%. Dit is een stijging ten opzichte van de DNB dekkingsgraad van eind maart 2021 (103,4%).
Daarmee is de DNB dekkingsgraad ruim boven de kritieke dekkingsgraad (91,7%) gebleven.

De DNB dekkingsgraad stijgt in april 2021 met 1,3%-punt, door een goede performance van de aandelen in combinatie met een verdere stijging van de lange rente. Door de stijging van de rente daalden de verplichtingen. Hierdoor hoeft het pensioenfonds minder geld te reserveren om alle pensioenen te betalen. Door deze rentestijging daalde echter ook de marktwaarde van de vastrentende waarden. Per saldo leidden deze effecten tot een stijging van de DNB dekkingsgraad met 1,3% naar 104,7%.

Uit het in maart 2020 bij DNB ingediende herstelplan 2020 blijkt dat er geen aanvullende maatregelen nodig zijn om binnen 10 jaar uit herstel te kunnen komen. In dit herstelplan 2020 is geen rekening gehouden met het effect van Covid-19 in de eerste maanden van 2020. Door de fors gedaalde dekkingsgraad in de eerste maanden van 2020 is de verwachte dekkingsgraad voor eind 2020, zoals berekend in het herstelplan, niet bereikt. De DNB dekkingsgraad is eind december 2020 met 100,2% overigens wel ruim boven de kritieke dekkingsgraad van 91,7% gebleven.
In dit kader is van belang dat Minister Koolmees op 16 december 2020 in een brief aan de Tweede Kamer heeft bevestigd dat de versoepeling van de regels rondom korten ook in 2021 voor het toets moment per eind 2020 zal kunnen worden toegepast. Hierdoor kan de hersteltermijn naar 12 jaar worden opgerekt en hoeft er alleen gekort te worden indien de DNB dekkingsgraad eind 2020 lager is dan 90%.
Op basis van de definitieve DNB dekkingsgraad december 2020 zal er derhalve in 2021 niet gekort te hoeven worden.

Marktwaardedekkingsgraad
Naast de beleidsdekkingsgraad en de DNB dekkingsgraad wordt de dekkingsgraad ook op marktwaarde berekend. Hierbij wordt de waarde van de voorzieningen berekend op basis van de marktrente. Deze marktwaardedekkingsgraad steeg in april 2021 met 1,5% naar 100,4%. Deze stijging is hoger dan de stijging van de DNB dekkingsgraad. Bij de berekening van de marktwaardedekkingsgraad wordt rekening gehouden met de daadwerkelijke rentebeweging op de financiƫle markten. Bij de DNB dekkingsgraad wordt daarentegen uitgegaan van een andere methodiek om de rente te bepalen (voortschrijdend gemiddelde van de lange rente) waardoor de impact op deze dekkingsgraad anders kan zijn.