Geld wordt door inflatie minder waard. Dat betekent dat je voor hetzelfde geld minder kunt kopen, omdat de prijzen stijgen. We noemen dit koopkrachtverlies. Dit gebeurt ook met je pensioen. Daarom probeert Pensioenfonds NIBC de pensioenen elk jaar aan te passen aan de gestegen prijzen.

Wanneer vindt indexatie plaats?

Het pensioenfonds kan de pensioenen alleen aanpassen aan de gestegen prijzen, als de financiële situatie van het pensioenfonds dit toe laat. Dit heet indexatie of toeslag. We kijken daarvoor naar de beleidsdekkingsgraad. Als de beleidsdekkingsgraad hoger is dan 110% dan mogen de pensioenen (deels) worden verhoogd. Maar uiteindelijk beslist het bestuur of de pensioenen wel of niet verhoogd worden. De indexatie is dus voorwaardelijk. Je hebt hier geen recht op. Er wordt ook geen premie betaald voor indexatie. De kosten voor indexatie worden volledig uit rendementen betaald.

Toeslagdepot

Voor medewerkers is er vanwege de overgang naar een nieuwe regeling in 2015 een eenmalige buffer gestort. In 2019 is deze buffer gesplitst in een apart Premiedepot en een Toeslagdepot. Het Toeslagdepot kan gebruikt worden als aanvulling op de indexaties. Dit kan alleen als het Toeslagdepot voldoende groot is en de beleidsdekkingsgraad boven het zogenaamde Minimaal Vereist Eigen Vermogen (per eind 2019: 104,2%) ligt. Per 31 december 2018 beschikt het Toeslagdepot niet meer over middelen, waardoor er geen aanvullende toeslag meer kan worden toegekend.

Inhaaltoeslagen

Gezien de financiële positie van het pensioenfonds is al een aantal jaar geen of geen volledige indexatie toegekend. Als de financiële positie van het pensioenfonds weer voldoende verbeterd is (waarbij de beleidsdekkingsgraad hoger moet zijn dan de zogenaamde indexatie dekkingsgraad (momenteel ongeveer 126%), zal de niet of niet volledig toegekende indexatie alsnog in de vorm van een inhaaltoeslag kunnen worden toegekend aan (gewezen) rechthebbende deelnemers. De toegekende en niet-toegekende indexaties zijn als volgt: